Geschiedenis

De voorgeschiedenis

Wat voor gevolgen een handreiking soms kan hebben

Mijn naam is Yvonne Voorn, initiatiefneemster van Stichting The Sheepfold.
Het was in 1981 toen ik een Afrikaan op het station Hilversum ontmoette, die naar Hongarije terugging na een bezoek aan vrienden te hebben gebracht.

Hij had 2 grote koffers bij zich en omdat het mij opviel, dat het hem veel moeite kostte de koffers in de trein te krijgen, besloot ik hem te helpen. Eenmaal in de trein vond hij het niet erg plaats te nemen in dezelfde coupé waar ik met mijn vriendinnen zat. Hij vroeg mij uit welk land ik afkomstig was en of ik ooit in Afrika geweest was.

Ik vertelde hem dat ik uit Suriname kwam en dat ik op uitnodiging van een evangelist een uitnodiging kreeg voor een bezoek aan Zuid Afrika.

O, zei hij. I mean real Africa and that is West Africa. Ik vroeg hem uit welk land hij afkomstig was. The Gambia, I am a Gambian. Ik antwoordde hem, dat ik daar nog nooit van gehoord had. Ik nam mij voor wat informatie hierover te vinden.
Hij vroeg mij om hem mijn adres te geven, omdat hij zijn ouders wilde vragen mij een uitnodiging te doen om zo ook kennis met Gambia te maken (het echte Afrika dus).

In die tussentijd ben ik over dit land gaan lezen en verheugde mij op ooit daar te komen. Het duurde wel even, omdat de familie hierover blijkbaar moest instemmen een vreemde in hun huis te ontvangen. Maar het was eindelijk zover. De grote dag was daar. Maart 1982.

De reis was voorspoedig. In Dakar aangekomen mochten wij, mijn gastvrouw en ik, bij haar vriendin logeren, omdat er toen nog geen rechtstreekse vlucht naar Gambia was. Daar aangekomen ontdekte ik dat de jongeman gelijk had, want dit deel van Afrika verschilt volkomen met het zuidelijk deel. This is real Africa. Zo blij en gelukkig voelde ik mij, dat ik als een kind bijna van blijdschap in de lucht wilde springen. Wat kan het leven toch heel raar lopen.
Thuis aangekomen bij de vriendin stond het eten reeds klaar, keurig gedekt, maar zonder bord en lepel. Mijn eerste les was begonnen. De gastvrouwen verlieten de kamer en ik zat naar het eten te kijken, wachtend op bord en bestek. Het bleek later, dat ik uit de schaal moest eten en uit de mok water moest drinken. Dat was dus mijn eerste kennismaking op dit gebied. Zij namen mij gelukkig niet kwalijk.

Wat mij in de nacht opviel, had ik niet voor mogelijk gehouden. Het lot van het kansarme kind in Afrika, verschijnsel in alle ontwikkelingslanden. Ik moest in de nacht naar het toilet en toen ik het licht aan deed zag ik, dat het kind (een manusje-van-alles) op de kale vloer lag en waarover een kakkerlak net van haar hoofd wegliep. Het brak mijn hart en hoopte dit niet meer te zien. Maar dit was dus het begin van alle ellende, die ik zou ontdekken.

De volgende dag vertrokken we heel vroeg uit Dakar(Senegal) en kwamen ongeveer 20.00 uur in Gambia (Banjul) aan. We maakten het niet te laat na mijn kennismaking met enkele mensen van de compound.

Ik ben toen 1 maand in Gambia geweest als eerste kennismaking wat heel erg leuk was. Op de avond van vertrek had ik een tegenvaller op de luchthaven Yundum. Ik werd achtergelaten door Nigeria airline. Terwijl wij daar zaten te wachten, werd ons te kennen gegeven dat wij onze bagage en de betaalde luchthavenbelasting moesten ophalen. Ze vertelden ons, dat wij die avond niet konden vliegen, omdat Nigeria airline doorgevlogen was naar Dakar. Wat nu! Alle gerezen problemen waren vanaf dat moment voor de passagiers. Een oplossing moesten wij zelf zoeken. Op dat moment was mijn leuke vakantie volkomen verpest.
De volgende ochtend telegrammen verzenden, taxi zoeken die ons (mijn gastvrouw en ik) naar Dakar wilde vervoeren. Dit zou ik nooit meer willen meemaken. Dit is geen Europa, waarbij de vliegmaatschappij een oplossing gaat zoeken. Neen. Het is jouw pakje aan. Je hoeft ook nergens te reclameren. We kwamen heel laat in Dakar aan. Toen we op de luchthaven aankwamen bleek SABENA’s kantoor reeds gesloten te zijn. Wij besloten toen maar bij die Senegalese mevrouw aan te kloppen. We werden, zoals dat een gastvrouw betaamt, heel hartelijk ontvangen. Die nacht heb ik heel onrustige geslapen. De volgende dag heeft zij stad en land afgebeld en het probleem voorgelegd, want mijn ticket was toen verlopen. Tenslotte kregen wij toch van SABENA goed bericht. Ik kon op de verlopen ticket terug vliegen naar Holland. Gevolg, ik moest dan een week in Dakar verblijven bij dit gezin. In deze week maakte zij mij een standje, omdat ik het haar van het meiske (manusje-van-alles) zat te kammen. Dat mocht helemaal niet, want dat paste niet in hun cultuur. Deze kinderen hebben geen stem, niemand die het voor ze opneemt.

Nauwelijks terug in Nederland kreeg ik het verlangen om voor nog 3 weken terug te gaan. Ik had nog vakantie dagen over. In deze 3 weken ben ik gewoon thuis gebleven, waardoor ik het echte leven zag, vooral wat betreft het lot van de kansarme kinderen. Laat opblijven om spullen te verkopen, zodat er iemand uit het gezin naar school kon en dat er ook weer eten was. Door deze armoede is het eten erg eenzijdig. Maar ja. Dat is hun leven en ze kunnen er niets beters van maken.
Uit de dorpen komen heel veel meisjes (leeftijd vanaf 9 jaar) naar de steden om werk te zoeken, voor een beter bestaan voor de familie. Van deze groep wordt ontzettend veel misbruik gemaakt. Ook zij hebben geen stem. Het is vreselijk om dit te zien gebeuren en niets te kunnen doen voor deze kinderen. Over deze misstanden zou je een boek kunnen schrijven.
Onderwijs, een goede toekomst is niet voor hen weggelegd, óf er moet iemand uit Europa zijn, die zo’n kind wil helpen. Dat gebeurt gelukkig door scholenbouw en adoptie. Zo’n kind is dan niet alleen geholpen, maar ook de familie. Ze beseffen, dat als dit kind onderwijs krijgt, zij ook meer kans maakt op beter werk.

De vele straatkinderen, die door omstandigheden op straat terechtgekomen zijn, is een hoofdstuk apart. Een levensgevaarlijke groep. Goede werktuig voor criminelen en tegenstanders van de Regering. Dit probleem groeit de Overheid boven het hoofd en weet niet hoe dit aan te pakken. Van deze en gene krijgen ze wat te eten. Op de markt vinden ze wat restjes van de buspassagiers en mogen ze de lege pannen(potten) van de eten verkoopsters aflikken.

Op deze wijze is het probleem niet opgelost. Onderdak, normale gezinsleven en onderwijs is het motto. Als deze zaken ontbreken krijgen we criminelen. Toeristen kunnen ervan meepraten.

Na die 3 weken ben ik niet vrolijk teruggegaan naar Holland. Ik heb vanaf toen het leed van deze kinderen lijdzaam moeten dragen en ben toen individueel hulp gaan bieden. Ik vroeg de Here wat zijn bedoeling was, dat Hij mij al dit leed heeft laten zien. Ik wist wel, diep in mijn hart dat de ontmoeting met die heer op het station Hilversum niet zomaar een ontmoeting was.

Vanaf die tijd ben ik verscheidene keren in Gambia geweest en gedaan wat in mijn vermogen lag. Samen met enkele vrienden heb ik in 2004 bovengenoemde Stichting opgericht om speciaal voor deze straatkinderen iets te doen. Ons doel is een plek te creëren, een opvang- centrum, waar voorlopig 16 kinderen permanent zullen verblijven (leeftijd 5 – 20 jaar), die door toegewijde moeders liefdevol verzorgd zullen worden.

Na dit verhaal gelezen te hebben, hoop ik dat u ook deze kinderen een warm hart zult toedragen, opdat ook zij perspectief in het leven zullen/mogen krijgen.

NAMENS DE KINDEREN ALVAST BEDANKT